BASF Agricultural Solutions | NL

landschap
BASF Agricultural Solutions | NL

Contact

Driejarig monitoringsonderzoek bestuivers


BASF is in samenwerking met Stichting Veldleeuwerik, De Vlinderstichting en Limagrain een driejarig monitoringsonderzoek gestart op een akkerbouwbedrijf in Drenthe.

Doel van het onderzoek is het bevorderen van bestuivers door middel van de aanleg van bloemrijke akkerranden. In het onderzoek worden twee bloemenmengsels met elkaar vergeleken, een standaard mengsel, die voor een deel uit uitheemse planten bestaat, en een inheems mengsel met lokale inheemse soorten. De monitoring wordt uitgevoerd door de Vlinderstichting.

Voor reproductie van de Noordwest-Europese planten is 80% afhankelijk van bestuiving door insecten. Hieronder vallen verschillende groepen bijen, vliegen, kevers, vlinders en andere insecten. In het onderzoek beperken we ons tot monitoring van de grootste groep bestuivers: bijen, zweefvliegen en vlinders.

Aanleg bloemenranden steeds populairder

De aanleg van een bloemenrand is een populaire maatregel die meestal direct leidt tot hogere dichtheden bijen dan in vergelijkbare randen zonder bloemen. Maar dit wil niet betekenen dat hiermee direct alle soorten geholpen zijn, of de populaties gered. De meeste akkerranden zijn eenjarige mengsels die vooral uit uitheemse planten bestaan. De keuze voor deze mengsels, in plaats van mengsels die uit inheemse lokale soorten bestaan, is vooral bepaald door de prijsstelling. De inheemse mengsels zijn vaak vijf keer duurder dan de standaard akkerrandmengsels die in de praktijk gebruikt worden.

Opzet van het monitoringsonderzoek

Op twee verschillende locaties op het bedrijf in Drenthe worden de twee bloemenmengsels met elkaar vergeleken. Hiervoor worden stroken ingezaaid van elk 125 meter lang. Het uitheemse standaard mengsel ligt dus direct naast het inheemse bloemenmengsel. Gedurende de onderzoeksperiode van 3 jaar blijven de mengsels op dezelfde plaats liggen, zodat een mogelijk meerjarig effect te zien zal zijn. Omdat de mengsels voornamelijk uit eenjarige soorten bestaan zal elk jaar de strook opnieuw worden gezaaid.

Op de akkers naast de bloemenstroken zullen pootaardappelen, suikerbieten of gerst worden verbouwd volgens een gangbaar rotatieschema. Elk jaar zullen de stroken 4 keer gemonitord worden in de periode april tot en met september. Door het veldwerk te spreiden door het seizoen worden seizoensgebonden soorten geborgd in het onderzoek. Naast deze bloemrijke stroken zal er ook gemonitord worden langs een representatieve akker op hetzelfde bedrijf waar geen bloemrijke akkerrand is aangelegd. Zo hopen we, in de loop van de tijd, een goed beeld te krijgen van de bijdrage van de verschillende bloemenmengsels aan het behoudt en bevorderen van bestuivers op het boerenland.

Top